(Ouderwetse woonkeuken. Vergane glorie. Aan de muur schimmelige familieportretten . FOSKO (28), een loodgieter, zit voorovergebogen in een aanrechtkastje aan de leidingen te sleutelen. SYLVIA (60), zwaar opgemaakt en netjes gekleed, zit op een ouderwetse schommelstoel en doet een kruiswoordpuzzel)

Sylvia:
Fosko, lieverd? Weet jij deze:
‘Politieke waterschade kost nix.’. Negen letters.

Fosko:
Het Watergate-schandaal, mevrouw.

Sylvia:
Watergate….(telt het na) Ja, dat past!
Och, ik heb vandaag toch zo’n pijn in m’n rug, Fosko lieverd. Zo’n snerpende, zo’n jankende.

Fosko:
(vindt iets) Hé? Alwéér?

Sylvia:
Hoe wist jij dat eigenlijk? Jij was helemaal nog niet geboren toen, deugniet. Jij bent 28 jaar en 234 dagen oud.

Fosko:
Ik kijk Lotto weekend miljonairs, mevrouw.

Sylvia:
Het Watergateschandaal. Kijk, dat weet jij dan weer. Een loodgieter, nota bene.
Ik heb altijd gezegd, je moet de arbeiders niet onderschatten. Papalief trok er z’n neus voor op, wilde onder geen beding met ze praten. Maar ja, papa is samen met loodgieters vergast in Auschwitz, dus uiteindelijk waren ze toch allemaal gelijk.

(Fosko komt uit het kastje gekropen)

Fosko:
Heeft u last van ongedierte?

Sylvia:
Par-don!

Fosko:
Het verbindingsrubbertje van de leidingen is wéér verdwenen. Dat gebeurt bij u altijd.

Sylvia:
Ach, wat gek.
Heb ik je wel eens verteld dat ik in de oorlog zelfs zat ondergedoken bij arbeiders?

Fosko:
Ja, mevrouw…

Sylvia:
Papalief kon er z’n gat nog niet mee afvegen, maar arbeiders zijn tegen mij altijd heel vriendelijk geweest.
Jij ook, Fosko

Fosko:
Ja, mevrouw…

Sylvia:
Weet je nog, die kleine watersnoodramp die we hier hebben gehad? Toen heb jij me nog uit huis gedragen. Dat is alweer5 jaar geleden.

Fosko:
Toen was het ook het rubbertje.

Sylvia:
Gek kan het lopen. Als we toen niet die watersnoodramp hier hadden gehad, waren we een prachtige vriendschap misgelopen. Wacht. Ik zal je de foto’s van die arbeiders laten zien.

(Sylvia hobbelt af. Fosko rommelt in de kist, pakt het rubbertje. Sylvia terug met foto)

Sylvia:
Zie je. Hier was ik een jaar of vier. Schatten van mensen hoor, maar dat jurkje dat ze me aan hadden getrokken. dat kan écht niet.

(Fosko bekijkt de foto, draait ‘m om, ontdekt iets)

Fosko:
U zei toch dat u in de oorlog ondergedoken zat?

Sylvia:
Verschrikkelijke tijden, daar kan jij je geen voorstelling van maken, lieverd.

Fosko:
Deze foto is uit 1953.

(Sylvia pakt de foto)

Sylvia:
1953? Dat is het jaar van de watersnoodramp, lieverd. Je bent in de war.

(Stilte. Sylvia gaat verder aan haar puzzel. Fosko blijft even staan, kruipt dan weer het kastje in)

Sylvia:
Fosko, lieverd, weet jij deze?
Middelgrote katachtige, oude spelling. Vier letters.

Fosko:…Lynx.

Sylvia:
Vandaag toch zo’n pijn aan m’n rug. Zo’n pijn…